EXPOSITIE / EXHIBITION Kröller-Müller Museum Van 2-4 t/m 29-8-2010  
  Let op: Deze expositie is voorbij !
In English - En Français
Robert van ´t Hoff:
Alles of niets - Architect van een nieuwe samenleving

Robert van ´t Hoff, Villa Henny (ook wel Villa Nora of de Betonvilla), Amersfoortseweg 11, Huis ter Heide, 1914, Klik voor vergroting 

Het Kröller-Müller Museum heeft onlangs een onbekend interieur van de Nederlandse architect Robert van ’t Hoff (1887-1979) verworven. Het interieur is afkomstig uit het voormalige huis waar Robert van ’t Hoff de laatste decennia van zijn leven heeft gewoond. De dochter van de architect die de nalatenschap van haar vader beheerde, benaderde in 2004 het Kröller-Müller Museum met het voorstel het interieur te schenken. Net voor de afbraak van het huis is het interieur gedemonteerd en overgedragen aan het museum. Het interieur is hoofdonderdeel van deze overzichtstentoonstelling van het werk van Robert van ’t Hoff in het Kröller-Müller Museum.

Het interieur blijkt het laatste werk in het oeuvre van Van ’t Hoff die aan het begin van de twintigste eeuw bekend werd door zeer vernieuwende ontwerpen voor woonhuizen, waarvan Zomerhuis Verloop (1914-1915) en Villa Henny (de Betonvilla, 1914-1919) de bekendste zijn. Lange tijd werd aangenomen dat Van ’t Hoff na zijn breuk in 1920 met de groep avant-garde kunstenaars rond De Stijl geen architectuur-ontwerpen meer had uitgevoerd. Nu blijkt dat hij omstreeks 1960 voor zichzelf dit interieur heeft ontworpen en laten uitvoeren. Tot aan zijn overlijden in 1979 heeft hij hier gelezen, nagedacht en brieven geschreven. Het interieur is nauwelijks veranderd na het overlijden van de architect. De woning heeft jaren leeg gestaan, voordat een projectontwikkelaar zijn oog liet vallen op de locatie voor herontwikkeling.

Het interieur is ongeveer twee meter breed, drie meter diep en tweeënhalve meter hoog. Het is opgebouwd uit crème witte vlakken voor de wanden, hout voor de constructieve onderdelen en deuren en zachtgele gordijnen. De ruimte komt heel eenvoudig, rustig en puur over. De dochter van Van ’t Hoff vertelde dat haar vader de kamer gebruikte als studieruimte waar hij zijn uitzonderlijke verzameling zeldzame publicaties over sociaal-utopische leefgemeenschappen las.

Uit de studiekamer blijkt dat de ideevorming van Van ’t Hoff altijd is blijven doorwerken. Met het interieur onderzocht Van ’t Hoff hoeveel privéruimte een individu minimaal nodig heeft in een commune. De vroege woningbouwprojecten leverden de architect veel roem op en waardering van collega’s, maar van ’t Hoff zelf was meer geïnteresseerd in de sociale strevingen van zijn werk. Van ’t Hoff was een zeer maatschappelijk betrokken architect die architectuur zag als mogelijkheid om de sociale verhoudingen anders vorm te geven. Na omzwerving door Europa en de Verenigde Staten, naar communes en utopische leefgemeenschappen, leefde Van ‘t Hoff vanaf 1937 in afzondering in Engeland en had hij sporadisch contacten met zijn vroegere vrienden van De Stijl zoals Gerrit Rietveld, Piet Mondriaan en Bart van der Leck.

Volgens Evert van Straaten, directeur van het Kröller-Müller Museum, is het interieur zeer uitzonderlijk. ‘Het komt nog nauwelijks voor dat onbekende werken van De Stijl kunstenaars opduiken. Bovendien is het werk zeer illustratief voor Rob van ’t Hoff’s specifieke bijdrage aan het gedachtegoed van De Stijl. Het interieur dat door bezoekers zeer voorzichtig kan worden betreden, maakt het bovendien zeer concreet ervaarbaar. De serene ruimte is niet bedoeld om naar te kijken, maar om in te leven.’

De tentoonstelling Alles of niets – Robert van ’t Hoff, architect van een nieuwe samenleving toont het oeuvre van architect en architectuurtheoreticus Robert van ’t Hoff (1887-1979) en schetst een beeld van zijn persoonlijkheid. Het werk van de avant-garde architect die lid was van De Stijl wordt gekenmerkt door een sociaal-maatschappelijke betrokkenheid.

Bijzonder aan het overzicht van zijn oeuvre is het complete interieur van een studieruimte die Robert van ’t Hoff voor zijn woning in New Milton ontwierp en recent door zijn dochter, Megan van ’t Hoff (1922-2009), aan het museum is geschonken. Dit interieur en diverse andere ontwerpen op de tentoonstelling die tot nu toe onbekend zijn gebleven, geven nieuw inzicht in Van ’t Hoff’s worsteling met de vernieuwing van architectuur en de realisering van een sociaal-utopisch gedachtegoed.

Op deze overzichtstentoonstelling worden ook andere projecten voor het eerst geëxposeerd zoals een driezitsbank (1920) en een eikenhouten boekenkastje (circa 1933) dat hij voor eigen gebruik laat uitvoeren. De afdeling Bouwkunde van de TU Delft reconstrueerde een stoel van Van ’t Hoff, waarvan het oorspronkelijke, door Rietveld gemaakte exemplaar uit 1918, verloren is gegaan. Het museum toont ook de originele ontwerptekeningen en foto’s van zijn gebouwde oeuvre, waarvan Zomerhuis Verloop (1914-1915) en Villa Henny (de Betonvilla, 1914-1919) de bekendste zijn en meubelen, schetsen voor wooncommunes en zeldzame sociaal-utopische geschriften uit het bezit Robert van ‘t Hoff. Door ook werk van bevriende kunstenaars als de schilders Mondriaan en Bomberg, en de architecten Elling en Rietveld te tonen, wordt zijn specifieke rol en revolutionaire inborst binnen de progressieve kunstbeweging uit het begin van de twintigste eeuw zichtbaar.

Bij de tentoonstelling verschijnt de monografie Robert Van ’t Hoff, architect van een nieuwe samenleving, uitgegeven door NAi publishers, verkrijgbaar in de museumwinkel en in de reguliere boekhandel, ISBN 978-90-5662-749-2. De tentoonstelling is in samenwerking met het Nederlands
Architectuurinstituut in Rotterdam tot stand gekomen.

Gastconservator Dolf Broekhuizen geeft op zondag 9 mei (14.00-15.00 uur) een lezing in het kader van de tentoonstelling. Aanmelden is niet nodig. De lezing is gratis voor bezoekers met een geldig entreebewijs voor het museum en het Park.

Exposerende kunstenaar(s) / exhibited artist(s):
Robert van ´t Hoff

Kröller-Müller Museum
Houtkampweg 6, 6731 AW Otterlo, 0318-591241, open: di t/m zo en feestdagen 10.00-17.00, gesloten op 1 januari, Het museum ligt in het Nationale Park de Hoge Veluwe. Ook het Park vraagt entree. Dit betekent dat u, om het museum te bezoeken, ook de entreeprijs voor het park moet betalen. Kinderen tot 6 jaar: gratis , Kinderen 6 t/m 12 jaar: € 8,20 (€ 4,10 voor Park en € 4,10 voor museum) , Volwassenen: € 16,40 (€ 8,20 voor Park en € 8,20 voor museum) , Parkeerkaart auto: € 6,00 , Parkeerkaart touringcar: € 27,50 , Museumkaart geldig in Kröller-Müller Museum, niet in het Park.
Expositieperiode van 2 april t/m 29 augustus 2010