Tussenruimte: Het onzichtbare zichtbaar maken
|
Het onzichtbare zichtbaar maken is een schijnbaar onmogelijke opdracht die tal van beeldende kunstenaars op zich hebben genomen. Bij Raveel is het beroemde witte vierkant slechts één van de middelen het schilderij te laten uitvloeien in tijd en ruimte. In 1974 en 1975 kopieerde Raveel elf schilderijtjes die hij in de jaren 1940, bij het begin van zijn loopbaan had gemaakt. Hij plaatste de oorspronkelijke afbeelding op een groter doek waardoor ze omgeven werd door een brede witte rand, die ze afscheidt van de realiteit er omheen. Zo ontstaat een nieuw beeld, waar de tussenruimte even belangrijk wordt als de voorstelling zelf.
Lucio Fontana bereikte een gelijkaardig resultaat door het schildersdoek te doorkerven. Zo ontstonden zijn beroemde Concetto spaziales.
Ook bij de jongere generaties is het streven merkbaar, bijvoorbeeld in de schilderijen van Jean-Marie Bytebier of in de sculpturen en installaties van Jan De Cock en Joëlle Tuerlinckx. Het begrip Tussenruimte geldt als algemene noemer voor de diverse toepassingen van dit streven.
Tussenruimte toont werk van Chantal Akerman, John Baldessari, Ida Barbarigo, Jean-Marie Bytebier, David Claerbout, Gilles-François-Joseph Closson , Henri De Braekeleer, Antoon De Clerck, Jan De Cock, Juan Duque, Lucio Fontana, Guy Mees, Claude Monet, Roger Raveel, Jakob Smits, Joëlle Tuerlinckx en Tibetaans textiel.
|
|