|
Alexander Bobkin, Ton Mertens, Riet Bakker, Lydeke von Dülmen Krumpelmann
|
Riet Bakker viert, met deze tentoonstelling , haar 25-jarig jubileum als kuinstenaar. Ze toont werk van de laatste vijf jaar. Uit versneden platen steengoedklei bouwt ze haar objecten.zoekend naar perfecte profielen, vloeiende lijnen en een natuurlijke geabstraheerde beeldtaal. Kleur en structuur van het glazuur is zeker zo belangrijk als de vorm zelf. Verschillende dikke lagen kleislib en/of krimpglazuren worden egaal opgespoten, creëren diepte en reliëf en vormen een ruw contrast met satijngladde glazuren. Juist deze techniek geeft een extra dimensie aan en een sterke sensorische respons op deze relatief eenvoudige objecten. Voor haar meest recente werk heeft ze inspiratie gevonden in de boeiende verscheidenheid in vormen en kleuren van micro-zeeorganismen
Lydeke von Dulmen Krumpelmann (Groningen 1952) is sinds 1972 werkzaam als keramiste. Het dier in de mythologie, in de literatuur en in haar eigen omgeving is haar thema en inspiratiebron. Soms vrijstaand, soms op een sarcofaag, op een sokkel, of in een tempeltje geplaatst, met ingegraveerde tekstflarden of tekeningen om het verhaal te ondersteunen. Met een voorliefde voor blauwe engobes.
Reizen in de geest, zo luidt de ondertitel van het boek van Alexander Bobkin. In dat boek staat een zelfportret met jokermuts uit 1987. Op het hoogtepunt van zijn roem in de toenmalige Sovjet Unie zet deze kunstenaar zichzelf voor joker. Zelf relativering is een verstandige manier van leven. Het maakt vrij. En vrijheid is een voorwaarde voor het kunstenaarschap. De reiziger in de geest kan gaan en staan waar hij wil. Een verleidelijke wereld die de schilder in briljante composities en prachtige kleuren naar zijn hand zet.
De schilderijen van Ton Mertens zijn niet makkelijk in een hokje te plaatsen. De personages die zijn schilderijen bevolken zijn niet bepaald uit het leven gegrepen. Ze lijken uit lang vervlogen eeuwen te komen, maar hebben tegelijk , misschien juist daardoor, iets tijdloos. In dit prachtige werk heerst stilte en introspectie, maar ook een vermoeden van lijden aan het ondefinieerbare leed dat leven heet.
|
|