Home - Kunstenaars - Galeries - Musea - Exposities  
Museum Kasteel Wasserburg Anholt (Salm-Salm)
Schloß 1  Plattegrond via Google
D-46419 Isselburg-Anholt, Deutschland
T +49-287445353
 museum@fuerst-salm.de
www.fuerst-salm.de
1 mei - 30 sep di t/m zo 11.00.17.00
1 okt - 30 apr di t/m zo 13.00-17.00
entree € 6,00

Fürstlich Salm-Salm'schen Verwaltung.

Overige informatie

Museum Kasteel Anholt
In het kader van de restauratie van het kasteel Anholt, dat in 1945 meer dan 70 % was verwoest, werd in het hoofdgebouw een museum gepland. Hier ontstond dan in 1966 een compleet ingericht museum (grootte: 1.500 m2), met de bibliotheek en het huisarchief van de vorsten van Salm-Salm.
+ + lees meer...

In het museum is o.m. de grootste, historisch-gegroeide schilderijenverzameling in privé-bezit uit Nordrhein-Westfalen (700 stuks) tentoongesteld. Belangrijke werken van o.a. Nederlandse schilders uit de 17de eeuw zoals Rembrandt, Jan van Goyen, Gerard ter Borch, van Vlaamse (Jan Breughel d.J.), van Duitse (Bartholomäus Bruyn, Holbein, Jobst Harrich), van Spaanse (Murillo) en van Italiaanse (Carlo Dolci, Salvator Rosa) meesters zijn in Anholt aan te treffen.

Tevens er is een grote collectie van Chinees, Japans, Nederlands en Duits porselein uit de 17de en 18de eeuw, als ook renaissance- en barokmeubelen (o.a. in boulletechniek ) voor het publiek tentoongesteld.

De kunst, de grote variatie en de pronk van de 17de en de 18de eeuw zijn o.a. in de paradezaal, de marmeren kamer, de ridderzaal en de groene kamer in de vorm van o.a. wandkleden en leerbehangsels af te lezen. De bibliotheek, jachtgeweren, munten, de keuken (15de eeuw), de eetzaal, het rariteitenkabinet, de dikke toren met de gevangenis en de wapenkamer ronden het museum, dat tot de oudste en grootste musea in Nordrhein-Westfalen behoort, af.
De bibliotheek bevat de grote boekencollecties van de graven van Bronckhorst-Batenburg en de vorsten van Salm-Salm. Onder de ca. 7000 banden bevinden vooral theologische, klassieke, juridische, medische en geschiedkundige werken.In de biljartzaal zijn schilderijen van Nederlandse en Vlaamse meesters uit de 17de en 18de eeuw tentoongesteld. Bovendien sieren prachtige kroonluchters deze ruimte.
In de ridderzaal hangen de portretten van de graven van Bronckhorst-Batenburg en de vorsten van Salm-Salm. Hier valt de originele vloer van dennenhouten planken met een lengte van 16,25 m. op. De vergulde profielen in het plafond werden pas in 1965 tijdens de restauratie ontdekt en vrijgelegd.

In de marmeren kamer bevinden zich o.a. een groot gedeelte van de collectie China porselein uit de 17de en 18de eeuw en een waardevol, barokke meubelset (Duits, 17de eeuw): het betreffen vergulde stoelen en een bank met de originele fluwelen bekleding. Het portret stelt aartshertog Frederik van Oostenrijk (1856-1936) voor.

In de nieuwe eetkamer is een feestelijk gedekte eettafel met een eetservice (KPM porselein, ca. 1900) en drinkglazen (Wenen, 1880) met het vorstelijk wapen resp. monogram opgesteld. In de vitrines zijn twee vazen (Meissen) uit 1750 te bewonderen.

Het museum trekt jaarlijks meer dan 50.000 toeristen, kunstliefhebbers, studenten en scholieren, voornamelijk uit het Münsterland, de Nederrijn en Nederland.

De geschiedenis van de Anholter Schweiz
Tussen 1892 en 1900 liet vorst Leopold van Salm-Salm (1838 - 1908) in het zuidwestelijke gedeelte van het randgebied van het kasteel Anholt een park aanleggen, dat het karakter van een rots-, stenen- en een alpine-tuin had ( architekt E. Finken uit Keulen).
Het park verkreeg kunstmatig aangelegde rotsformaties naar het voorbeeld van het Vierwoudstedenmeer (architect J. Biesenbach uit Keulen), die omgeven werden door bospercelen met loof- en naaldhout en meerdere vijvers.
In het centrum werd een origineel Zwitsers chalêt (1893) gebouwd; het is het eerst bekende bouwpakket in Westfalen.
In het begin van de 20ste eeuw werd het in de volksmond genoemde Leopoldspark langzamerhand in een wildpark veranderd. Er ontstond een geliefd jachtterrein met in het midden het "Schweizer Haus", dat slechts per boot te bereiken was.

In 1966 besloot vorst Nicolaus Leopold van Salm-Salm ( 1906 - 1988) tot wederopbouw van het tijdens de oorlog zwaar beschadigde bos- en wildpark.
In 1968 werd het wildpark "Anholter Schweiz", voorzien van inheemse flora en fauna, voor het publiek geopend.

Vorst Carl Philipp van Salm-Salm ondernam in de jaren 1990 - 1993 uitgebreide sanerings- en renovatiewerkzaamheden. Hierdoor ontstond het nu 56 ha grote biotoopwildpark "Anholter Schweiz" met royale, afgerasterde gebieden en grote volières voor inheemse diersoorten, gelegen temidden van de nog steeds aanwezige historische rotspartijen en vijvers.

In het centrum ligt het "Schweizer Haus", omgeven van verschillende Nederrijnse en Münsterland'se landschappen. Het natuurpark is verpacht en voor het publiek toegankelijk en beschikt over een 8 km lang wegennet.

Golfclub Wasserburg Anholt e.V.
Temidden van het historische park van het kasteel Anholt en de Anholter Schweiz ligt, met blik op het 800 jaar oude kasteel Anholt, het golfterrein, dat tot de mooiste golfgebieden van Nordrhein Westfalen gerekend wordt.

Kroniek van het kasteel Anholt
De vorsten van Salm stammen van de rijksonmiddellijke wild- en rijngraven, graven van Salm (sinds de 11de eeuw bekend) af. 1623 werd graaf Philipp Otto van Salm, wild- en rijngraaf, in de erfelijke rijksvorstenstand verheven en daardoor verkregen de vorsten van Salm in 1654, als soevereine vorsten, zitting en stem in het college van de rijksvorsten op de Rijksdag. Door huwelijk verwierven zij in 1645 de heerlijkheid Anholt in Westfalen. Zij resideerten afwisselend in het vorstendom Salm: hoofdstad Senones in Lotharingen (F), in de heerlijkheid Anholt: residentie kasteel Anholt, in het hertogdom Hoogstraten: zetel kasteel Hoogstraten (B) en in het wild- en rijngraafschap: zetels Kyrburg en Rheingrafenstein.

Door het huwelijk van Dorothea prinses van Salm (1702-1751) met Nicolaus Leopold graaf van Salm, wilden rijngraaf, hertog van Hoogstraten (1701-1770) verenigden zich de twee takken van de Salm'se lijn der wild- en rijngraven. Graaf Nicolaus Leopold volgde in 1738 zijn schoonvader vorst Ludwig Otto van Salm (1674-1738) als soevereine vorst van Salm op. In 1743 verhief de keizer hem tevens tot vorst van Salm-Salm en noemde zich voortaan: vorst van Salm, vorst van Salm-Salm, wild- en rijngraaf.

De franse revolutie en de daarop volgende veroveringsoorlogen van keizer Napoleon I (1769-1821) brachten in een snel tempo grote politieke veranderingen teweeg. De vorsten van Salm-Salm verloren hierbij hun soevereine vorstendom Salm (1793) en t.g.v. de vrede van Lunéville (1801) ook hun rijksonmiddellijke wild- en rijngrafelijke territoria. In de Reichsdeputationshauptschluß van Regensburg (1803) werden hen en de vorsten van Salm-Kyrburg de geseculariseerde gebieden Ahaus en Bocholt toegekend. De regeringszetel van het nieuw gestichte vorstendom Salm werd in Bocholt ingericht. 1810 volgde echter de inlijving van dit land bij het keizerrijk Frankrijk. Bij het congres van Wenen (1815) werd de soevereiniteit van het vorstendom Salm en de heerlijkheid Anholt definitief opgeheven. Beide gebieden kwamen bij Pruisen.

Het kasteel Anholt vormt sindsdien voor de vorsten van Salm en van Salm-Salm de hoofdresidentie; het is eén van de weinige grote kastelen, die zich nog in privé-eigendom bevinden. Chef van het vorstenhuis is Carl Philipp vorst van Salm en van Salm-Salm, wild- en rijngraaf (geb. 1933).

De dikke toren uit de 12° eeuw vormt tot aan vandaag het karakteristieke teken van het kasteel. Het huis werd op eiken palen, een houtrooster en een stenen fundament opgericht.

In de 14de eeuw werd het kasteel vergroot en nog later als barokke residentie omgebouwd. Tegen het einde van de tweede wereldoorlog werd het gehele kasteel zwaar beschadigd (meer dan 70%), waardoor een permanente bewoning niet meer mogelijk was.

In het kader van de wederopbouw na de oorlog, kreeg het kasteel, op initiatief van vorst Nicolaus Leopold van Salm-Salm (1906-1988) een museale bestemming. Zo werd in het hoofdgebouw de nog aanwezige, gedeeltelijk, zwaar beschadigde inventaris, die gedurende vijf eeuwen in de historische ruimten bijéén was gebracht, als de historische kunstcollecties van de vorsten van Salm voor het publiek tentoongesteld.

Reeds in 1966 werd het museum met de bibliotheek en het huisarchief van de vorsten van Salm-Salm geopend.

Vorst Carl Philipp van Salm-Salm voerde in de jaren 1990 tot 2000 verdere ingrijpende restauraties van historische ruimten door en liet tevens talrijke historisch belangrijke kunstvoorwerpen, tot verdere verfraaiing en ontsluiting van het museum, restaureren.

Kunstenaars in vaste collectie

Jan Josephsz van Goyen - Rembrandt van Rijn (Rembrandt).