Villa Cavrois

60 Avenue du Président John Fitzgerald Kennedy  Plattegrond via Google
F-59170 Croix, France
T 0033320734712
www.villa-cavrois.fr
1 mei-31 okt ma t/m zo 10.30-18.30
entree € 7,50

Overige informatie


Gevel
De villa Cavrois heeft twee gevels met imposante afmetingen. Het silhouet van de noordgevel, die soberder is, doet denken aan een schip. In het zuiden, doet de gevel die uitkijkt op de tuin dienst als theatergordijn, langs het terras waar de leden van het gezin samenkomen.

La façade nord
+ + lees meer...

De esthetiek van de villa die ontworpen werd door Mallet-Stevens is resoluut modern, maar het grondplan ervan past in de traditie van het Franse kasteel: de verdeling in twee symmetrische vleugels, die van de ouders langs de ene kant en die van de kinderen en het huispersoneel aan de andere kant. De ontvangstruimtes, centraal in de woning, liggen in het verlengde van de paden van het park en van de waterpartij. De villa en het park passen zo in een zeer gecontroleerde ruimtelijke organisatie, die voortvloeit uit een belangrijk werk rond de verhoudingen, en die uitloopt in de definitie van een "tracé régulateur".

De gele baksteen
In 1930 bezoeken Mallet-Stevens en Paul Cavrois de bouwplaats van het gemeentehuis van Hilversum, in Nederland, waarvan de bekleding met gele baksteen erg modern aandoet. Op basis van een staal dat hij meeneemt van die reis, laat Mallet-Stevens 26 verschillende mallen maken om bakstenen te vervaardigen voor elke situatie (hoeken, afrondingen). Hoewel de baksteen een traditioneel materiaal blijft in zijn regio, is de manier waarop deze gebruikt wordt voor de villa Cavrois gedurfd: de bekleding verzekert de homogeniteit van de volumes en accentueert het spectaculaire aspect van het gebouw.

De horizontale lijnen
De horizontale lijnen domineren het silhouet van de villa: ze worden geaccentueerd door de vele terrassen en de behandeling van het baksteenparement. De verticale voegen zijn onzichtbaar gemaakt, terwijl ze horizontaal uitgehold en zwart geschilderd zijn. Deze radicale benadering van het parement zorgt voor eenheid in het geheel.

De terrassen
De opvallende dakterrassen geven ritme aan de gevels en onderstrepen de horizontale lijnen van de volumes. Met hun witte reling doen ze denken aan een schip en bieden ze uitkijkpunten over het park en de omgeving.

Op de hoogste verdieping dient de pergola niet zozeer als bescherming tegen de zon, maar eerder als decoratie. Op zonnige dagen accentueert zijn schaduw op de muren de strakke volumes van de villa.

De vensters
Als antwoord op het programma van de opdrachtgever, die lucht en licht vroeg, maakte Mallet-Stevens de gevels grotendeels open met grote raampartijen. De moderniteit van Mallet-Stevens komt tot uiting in de grootte van de vensteropeningen, maar ook in de keuze van de schuifraammodellen, geïnspireerd op Noord-Amerikaanse huizen.

Het hoekvenster van de eretrap biedt, net als de andere openingen, een zicht op het park vanuit een specifiek gekozen hoek.

De belvedère
In de centrale toren bevinden zich het rooksalon en de eretrap en, op de hoogste verdieping, een belvedère met een dominant uitzicht over de omgeving.

Deze belvedère die tegelijk aan de middeleeuwen doet denken en allusie maakt op de controletorens van luchthavens, is een baken in het vlakke landschap. Het silhouet van de toren biedt een verticaal tegengewicht voor de horizontale volumes van de architectuur. Dit element verwijst naar de belvedère van de villa Poiret, die werd gesloopt, en de horlogetoren van het paviljoen van het toerisme, dat Mallet-Stevens ontwierp voor de tentoonstelling van 1925.

Geschiedenis
De tussen 1929 en 1932 ontworpen villa Cavrois, is de meest emblematische realisatie van de architect Mallet-Stevens. Het werd in 1990 dan ook beschermd als historisch monument en in 2001 aangekocht door de staat.

In het begin van de twintigste eeuw is het Noorden één van de meest geïndustrialiseerde regio's van Frankrijk. Roubaix en Tourcoing zijn belangrijke centra voor de textielproductie. Roubaix kreeg trouwens de bijnaam "stad met de duizend schoorstenen". De vennootschap Cavrois-Mahieu, die opgericht werd in 1865, vervaardigt luxestoffen voor Parijse woningen. In 1923 stelt het bedrijf, dat vijf fabrieken telt, zo'n 700 mensen tewerk.

Wanneer Paul Cavrois, de eigenaar van deze vennootschap, beslist om een woning te laten bouwen voor zijn gezin, koopt hij een terrein aan in een plaatsje dat Beaumont heet, op enkele kilometers van Roubaix. Sinds 1870 ging de industriële bourgeoisie verder van de fabrieken af wonen, in een gezonder milieu en een beter leefkader. In de gemeente Croix, in de rand rond Roubaix, rijzen imposante burgerwoningen uit de grond, als echte kasteeltjes, die gekenmerkt worden door hun neo-regionalistische stijl. Het moderne silhouet van de villa die ontworpen werd door Robert Mallet-Stevens breekt radicaal met dit landschap.

In 1922-1923 koopt Paul Cavrois een terrein aan in Croix, in de rand rond Roubaix. Hij is van plan er een villa te bouwen voor zijn gezin, dat zeven kinderen telt. In eerste instantie doet Paul Cavrois een beroep op Jacques Gréber (1882-1962), een gewaardeerd architect van de plaatselijke elite, die hem een woning voorstelt in de "neo-regionalistische" stijl, die toen erg in de mode was. Dit eerste ontwerp, dat we kennen aan de hand van zeven tekeningen, wordt niet uitgevoerd. In 1929 vertrouwt Paul Cavrois de bouw van zijn villa toe aan een veel vernieuwender architect, Robert Mallet-Stevens.

De twee mannen hebben elkaar wellicht ontmoet in Parijs op de Exposition des Arts Décoratifs van 1925, waar het paviljoen van de textielproducties van Roubaix en Tourcoing naast de realisaties van Mallet-Stevens gelegen was: het paviljoen van het toerisme en een plein, waarvan de kubistische bomen, getekend door de architect en de broers Martel, een schandaal veroorzaakten.

Paul Cavrois en zijn echtgenote waren geenszins voorbestemd om dergelijke villa te bestellen: het waren geen verzamelaars en ze hadden geen banden met het avant-garde milieu. Ze werden waarschijnlijk verleid door het vooruitzicht van de gezonde, comfortabele en moderne leefomgeving die Mallet-Stevens hen beloofde. Misschien wilden ze ook hun entourage verrassen en verbazen met een onconventionele woning.

Hoe dan ook, geven Paul en Lucie Cavrois, overtuigd door het bezoek aan de rue Mallet-Stevens, die de architect net voltooid had in Parijs, hem de vrije hand voor het ontwerp van hun gezinswoning, op voorwaarde dat hij het voorziene budget zou respecteren. Mallet-Stevens werkt zijn ontwerp uit in 1929, en drie jaar later wordt de villa ingehuldigd, ter gelegenheid van het huwelijk van één van de dochters van het gezin, Geneviève.

Modern kasteel
Aangezien de archieven van Mallet-Stevens verdwenen zijn, is het moeilijk om het ontwerpproces te achterhalen van de villa die het meest uitgewerkte voorbeeld is van zijn architecturaal gedachtegoed.

Mallet-Stevens heeft de villa Cavrois bedacht als een waar modern kasteel.

- Een kasteel is de woning echt wel als we naar de imposante afmetingen kijken (een gevel van 60 m lang, 2800 m² vloeroppervlakte) en naar de verdeling in twee symmetrische vleugels, verwijzend naar de traditie van de aristocratische residenties van de zeventiende eeuw.

Bij het ontwerpen van de villa beperkt Mallet-Stevens zich niet tot het uitzetten van de architecturale volumes: hij tekent ook heel de binnenhuisinrichting, tot het kleinste element van het meubilair. Daarbij voert hij het concept van "totaalwerk" dat hij verdedigt binnen de Union des Artistes Modernes, naar een hoogtepunt. Dit werk als binnenhuisarchitect heeft ook veel te maken met zijn ervaring als decorbouwer voor de film. De interieurs van de villa Cavrois vertonen gelijkenissen met deze die hij enkele jaren eerder ontwierp voor de films van Marcel L’Herbier. Volgens de architect moet de inrichting van een woning, van een leefomgeving, de psychologie weerspiegelen van diegenen die erin vertoeven, in dit geval een burgergezin.

In de praalkamers opteert Mallet-Stevens voor luxueuze materialen die met zorg, verfijning en eenvoud worden aangebracht: marmer en edele houtsoorten getuigen van de welvaart van de industrieel uit Roubaix, maar zonder echter te opzichtig te worden. In de dienstruimtes, zoals de keuken, geeft Mallet-Stevens voorrang aan hygiëne en functionaliteit en maakt de architectuur plaats voor huishoudtoestellen (ingebouwde kasten, bordenlift die de terrassen bedient, …). Deze ruimtes hebben ook grote raampartijen, wat in die tijd vernieuwend was.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt de villa bezet door het Duitse leger en omgebouwd tot kazerne. Na de bevrijding laten de Cavrois de indeling van de villa veranderen door de architect Pierre Barbe, die er twee appartementen van maakt voor de zonen van het gezin. Na het overlijden van mevrouw Cavrois, in 1985, wordt het eigendom verkocht aan een vastgoedpromotor die het park wil verkavelen. De verlaten villa valt ten prooi aan vandalisme en raakt snel in verval, ondanks het feit dat ze in 1990 werd beschermd als historisch monument.

Dankzij de mobilisatie van een beschermingsvereniging, verwerft de staat in 2001 een groot deel van het domein. Na dertien jaar studie en voorbereidend werk, wordt ze hersteld in de oorspronkelijke staat van juli 1932.

Na het overlijden van mevrouw Cavrois, in 1986, raakt het door Mallet-Stevens ontworpen meubilair verspreid en wordt de villa verkocht. De woning, die aangekocht wordt door een vastgoedpromotor, is klaar om gesloopt te worden en het park wordt verkaveld. De bescherming als historisch monument, in 1990, volstaat niet om de villa te redden: de eigenaar laat haar moedwillig verloederen, mede door toedoen van krakers en plunderaars

In 2001 koopt de staat de villa en het centrale deel van het park. Er worden onmiddellijk grote werken opgestart door het Regionale Bestuur van culturele zaken (DRAC) van Nord-Pas-de-Calais om de gevel en de dakdichting te restaureren. Tussen januari 2012 en april 2013 zet het CMN de restauratie van het park voort, en van juli 2012 tot mei 2015 wordt het interieur van de villa aangepakt. Al deze werken die worden uitgevoerd onder de leiding van Michel Goutal, hoofdarchitect van de historische monumenten, worden geraamd op 23 M€.

Het duurde dertien jaar om de villa en het park te restaureren in de staat van 1932. Deze uitzonderlijke bouwplaats vereiste doorgedreven historische en archeologische onderzoeken en er werd hiervoor een beroep gedaan op de knowhow van zeer gekwalificeerde ambachtslieden, om het ontwerp van Mallet-Stevens zo getrouw mogelijk te reconstrueren.
- De villa is modern, door de soberheid van de volumes, de afwezigheid van versiering in het decor, de vele dakterrassen, de hypermoderne uitrusting (centrale verwarming, telefonie, elektrisch horloge, lift, ...) en het gebruik van technische materialen uit de industrie (glas, metaal, staal).



Galeries.nl is sinds begin mei 2018 weer in de lucht, maar om de site up-to-date te houden ben ik op zoek naar vrijwilligers die bereid zijn om actuele exposities toe te voegen. Mail naar info@galeries.nl indien u hiervoor belangstelling heeft.

Op deze plek, in de laatste kolom, kunnen advertenties worden geplaatst.

Meer info over adverteren

Benno Tutein Nolthenius