|
Jacob de Wit
(1695-1754)
>> voorbije exposities / past exhibitions
Over de kunstenaar Geboren in Amsterdam.
Zijn eerste schilderonderricht kreeg hij van Albert van Spiers, die bekendheid verwierf met het schilderen van plafond- deur- en schoorsteenstukken. Wellicht ontwikkelde De Wit dankzij hem zijn voorliefde voor deze tak van schilderkunst. Op zestienjarige leeftijd ging De Wit naar Antwerpen waar hij les kreeg op de Schilder-Academie. Daar kwam hij in contact met zijn grote voorbeelden Rubens en Van Dijck. Op zijn twintigste keerde hij weer terug naar Amsterdam. Al gauw kreeg hij zijn eerste portretopdrachten. Om zijn talent te tonen legde hij zich steeds meer toe op historieschilderkunst; het schilderen van mythologische taferelen stond in hoger aanzien.
Jacob de Wit vond in Amsterdam een mecenas in de persoon van Jacob Cromhout, een zeer vermogend koopman en kunstliefhebber. Voor Cromhout schilderde hij in 1717 zijn eerste plafond voor diens buitenhuis in de Beemster, dat hem al vrij snel beroemd maakte. Het bezorgde hem veel opdrachten. Zijn werk kenmerkt zich door een vlotte penseel, maar ook letterlijk werkte hij erg snel; in twee uur tijd kon hij een schilderij maken. Naast de vele zolderstukken die hij vervaardigde, is De Wit bekend geworden om zijn ‘witjes’: geschilderde nabootsingen van marmeren reliëfs.
Jacob de Wit in de Cromhouthuizen In 1718 leverde De Wit het plafond voor de grote zaal van de Cromhouthuizen. Verschillende Romeinse goden en de 12 tekens van de dierenriem sieren dit plafond dat bestaat uit verschillende doeken, gevat in eikenhouten balken. Het vormt een druk beschilderd en kleurrijk geheel. Het tweede plafond, 'Apollo en de vier seizoenen', is gemaakt voor een ander grachtenpand. Daar is het bij een verbouwing 40 jaar geleden uit verdwenen en heeft nu in de Cromhouthuizen een nieuwe bestemming gekregen. Het is een van de laatste grote werken van De Wit, gemaakt in 1750. Dit doek, met zijn grote wolkenpartijen en slechts enkele figuren, verschilt duidelijk in stijl en compositie van het eerste plafond. Tezamen vormen ze echter een unieke kunsthistorische combinatie; één van de laatste zolderstukken van De Wit is nu verenigd met zijn vroegste nog bestaande plafondschildering, waardoor we een blik kunnen werpen op het begin en het eind van een kunstenaarscarrière.
Witjes Jacob de Wit is een van de meest gerespecteerde bedriegers die ooit in het voormalige stadhuis van Amsterdam werkte. In de Vroedschapskamer schilderde hij maar liefst 13 “Witjes”: bedrieglijk echte beeldhouwwerken in olieverf in plaats van steen. Het belangrijkste stuk uit zijn carrière is ook in deze zaal bewaard gebleven. Het is een in 1737 gemaakt schilderij van wel 5 bij 12 meter waarin hij het bijbelse verhaal van Mozes en de 70 oudsten centraal stelde. Hij was heimelijk zo trots op de opdracht dat hij in het geniep twee zelfportretten tussen de menigte in het schilderij schilderde. In “zijn” zaal op het Paleis zal duidelijk worden hoe De Wit bij het verfraaien van de wanden niet over één nacht ijs ging.
De volgende musea/instellingen hebben werk in hun collectie:
Koninklijk Paleis Amsterdam, Amsterdam
Mauritshuis, Den Haag
Rijksmuseum, Amsterdam
Rijksmuseum Twenthe, Enschede
De volgende instellingen hebben werk in stock:
Leslie Smith Gallery, Amsterdam
|
|