Bert Majoor  (1906-1985)

Geboren en overleden in Laren.
+ + lees meer...

Zijn moeder overleed na zijn geboorte in het kraambed. Doordat hij met zijn stiefmoeder niet zo goed op kon schieten, werd hij door zijn grootmoeder grootgebracht. "Haar geschilderd portret hangt in het Larense gemeentehuis", zo memoreert neef Piet Adriaans. "Misschien hebben de vele kunstenaars die in Laren woonden hem ge´nspireerd tot schilderen. Een kunstopleiding heeft hij nooit genoten. Soms denken mijn vrouw en ik dat zijn gevoel voor vorm, kleur en compositie ontwikkeld heeft doordat hij bij een tapijtweverij werkte. Helaas kunnen we er alleen naar gissen." Elbertus Majoor -meestal signeerde hij met 'Majoor'- overleed in 1985.

"Het was in ieder geval een bescheiden man, een solist Hij was ook een beetje een cultuurpessimist. Hij vond de jaren vijftig erg burgerlijk. Hij schreef veel. Er zijn klappers vol met gedichten en experimentele teksten van hem, geschreven in een soms surrealistische stijl. Hij voelde zich een filosoof. Hoewel Majoor er nooit over klaagde, had hij weinig geld. Verre reizen kon hij zich dan ook niet veroorloven."

Aanvankelijk schilderde Majoor in een figuratieve stijl. Voor de tweede wereldoorlog schilderde hij bijvoorbeeld Larense landschappen. Door Wim Kersten, later conservator van het Stedelijk Museum in Amsterdam, werd hij geadviseerd om naar Amsterdam te verhuizen. Ruim 25 jaar woonde en werkte hij boven een pakhuis aan de Marnixstraat. Zijn vrouw Johanna Hoogenhout, waarmee hij in 1949 trouwde, overleed in 1969. Een jaar later werden de oude pakhuizen gesloopt voor de aanleg van een parkeergarage en moest hij noodgedwongen verhuizen. Hij ging terug naar Laren, waar hij vanaf 1971 tot zijn overlijden in het Rosa Spierhuis woonde.

In zijn Amsterdamse tijd werd de kunst van Majoor steeds abstracter. "In het begin schilderde hij nog landschappelijke elementen", aldus zijn neef. "Zijn vroege werk kun je zien als gestileerde stillevens. Maar daarna maakt hij alleen nog maar geheel abstracte composities zonder enige verwijzing naar de werkelijkheid."
EÚn schilderij van Majoor toont verwantschap met werk van Karel Appel. Kleurige vlakken met twee ogen erin. Hoewel hij een tijdgenoot van de Cobrakunstenaars was en zich eveneens afzette tegen de burgerlijkheid van de jaren vijftig, was zijn kleurgebruik niet schreeuwerig, maar meer ingetogen. Nooit felrood, -blauw of -geel, maar altijd gedempte kleurtinten. Het werk van Majoor was bovendien abstracter, minder pasteus en kleiner van formaat. Hij maakte weinig gebruik van olieverf. Het meest maakte hij gouaches op (kranten) papier en monotypes, getekend en geschilderd op rijstenpapier met Oost-Indische inkt.

Wanneer je zijn totale oeuvre bekijkt, dan kun je een stuk of vijf verschillende stijlen ontdekken, allen abstract. Soms zijn het heen en weer schietende lijnen en vlakken, dan weer zijn er werken met hele kleine vormpjes erop. Het lijkt wel of Majoor thematisch de mogelijkheden van de abstractie heeft afgetast. Het laatste werk dat van hem bekend is, zijn collages die hij maakte van kleurige snippers hoogglans tijdschriftenpapier in het Rosa Spierhuis.

Exposities (komt nu voorbij)

De volgende instellingen hebben werk in stock:
SBK Amsterdam KNSM, Amsterdam


Werken Toon afbeeldingen in apart venster

toon detailinformatie >>

(advertentie)