Juan Uslé en Victoria Civera


Over de expositie

Het oeuvre van de Spaanse schilder Juan Uslé (1954, Santander; leeft en werkt in Saro, Spanje en New York) is erg verscheiden. Hij combineert in zijn abstracte schilderijen een weldoordachte werkwijze met een intuïtief schilderen. Zijn werk maakte deel uit van verschillende tentoonstellingen die de afgelopen jaren aan het medium ‘schilderkunst’ gewijd zijn, en was ondermeer ook te zien in de Documenta IX te Kassel en zal te zien op de komende Biennale van Venetië. Doorheen zijn carrière heeft het werk van Juan Uslé verschillende stijlfases doorgemaakt. In zijn evolutie zijn twee criteria enigszins ongewijzigd gebleven, enerzijds het werkelijke, praktische schilderen en anderzijds de continue stroom, de transformatie die het schilderen uit zichzelf met zich meebrengt.

Juan Uslé begint te schilderen omstreeks 1980. Zijn stijl sluit aan bij het abstract expressionisme. Tegelijk schildert hij figuratieve elementen die vaak verwijzen naar landschappen en die enigszins aansluiten bij een romantische traditie. Uslé schildert efemere beschrijvingen van atmosferische omstandigheden, in half-transparante lagen en verzadigde, onmogelijke kleuren. Maar een schilder van zijn niveau kan niet anders dan nadenken, bewust of onbewust, over de grenzen van een dergelijke benadering. In 1987 verlaat hij Spanje voor New York, waar alles in vraag kan worden gesteld. Die verhuis vormt tevens het begin van een avontuur waarin schilderen ophoudt een transparant medium met een visie op de wereld te zijn, om een veld van dialoog te worden. Zijn benadering is niet conceptueel, er is geen programma dat de praktijk stuurt. Enerzijds beseft hij de inadequaatheid van een oud medium in verhouding tot een steeds meer precaire en ongrijpbare realiteit. Anderzijds kan de aanvaarding, bewust en affirmatief, van de beperkingen van het medium een ritueel, een contract, een netwerk van verschijningen creëren, een mogelijkheid om te schilderen. Zijn praktijk is constructief, het wordt geboren in de act van het schilderen en zijn constructies vol subtiele tegenstellingen worden gedragen en bijeengehouden door een menselijke impuls. Uslé houdt ervan met tegenstellingen te werken: dik en dun, stevig en fragiel, snel en traag, blinkend en mat. Gefundeerd in een obsessief geobserveerde realiteit, verbinden zijn schilderijen verschillende soorten abstractie met elkaar.

Zijn articulatie is vrij precies, helpt de toeschouwer op weg in de labyrintische ruimte van het schilderij, maar laat veel open. Via een grote beheersing van de vormentaal en een bijna psychische binding met de kleur nodigt de schilder je uit om te kijken. Zo introduceert Uslé de ‘duur’ in zijn werk, countert hij de onmiddellijkheid die door de media gepromoot wordt via de intensifiëring van het heden.

Doorheen de verscheidenheid van zijn oeuvre spreekt Uslé’s werk over de geschiedenis en de mogelijkheden van de schilderkunst. In de meeste werken kan je zowel een abstract beeld, een realistische weergave als een virtuele ruimte zien.

Victoria Civera: De kracht van een vreemde luciditeit

Voor vrouwen is poëzie geen luxe maar een vitale voorwaarde om te bestaan. Ze is de kwaliteit van het licht waarin wij onze hoop vatten en onze dromen van overleven en veranderen, eerst in taal, dan in idee en meer concrete actie. Poëzie is onze manier om het naamloze te benoemen en koopbaar te maken. De uiterste horizonten van onze hoop en angsten zijn geplaveid met onze gedichten, gehouwen uit de rots van onze dagelijkse ervaring.

Uit Audre Lorde: Poetry is not a luxury

Ik ken Vicky Civera's werk al meer dan twintig jaar - een stuk van een mensenleven. Lang genoeg om alles wat zij voorstelt te aanvaarden en te vertrouwen als een heel bijzonder, subtiel statement - zacht gezongen, bescheiden in register, op een perverse manier kinderlijk, ironisch speels, een beetje ingehouden, scherp van syntaxis, maar altijd precies en beproefd. Zij construeert een wereld waarin vreemde zaken thuis zijn, waar het onverwachte samenvalt en samenblijft en de eerste verrassing van de ontmoeting snel overwint. Ik zeg dit omdat wij steeds meer in de banaliteit van de schijn leven, verloren in gezwets waarin geen plaats meer is voor inhoud, alleen voor agressieve, gepolijste en vaak zinloze holle retoriek. In deze onsubtiele tijden lijkt ambiguïteit iets voor verliezers. Met andere woorden: als je niet kunt zeggen wat je wil, krijg je het niet. Maar bij Civera is het precies de affirmatieve zegging die in twijfel wordt getrokken. Haar werk vertelt vaak verhalen vol afwezigheden en onvolkomen definities. Subtiliteit en ambiguïteit zijn alomtegenwoordig. Zij gebruikt ze om de verbeelding te prikkelen en de toeschouwer hints te geven, maar nooit het hele antwoord. Civera heeft altijd kunnen schilderen. Ze beheerst vele talen. In de loop van de jaren is ze geëvolueerd van een ruwe, agressieve expressionistische taal naar wat ik een rara avis vrouwelijk discours zou noemen. Zij maakt ook objecten, creëert installaties en multimediawerken. Kortom, zij bestrijkt moeiteloos en vol overtuiging een breed creatief terrein. Maar mij is het minder om haar bereik te doen dan om haar cohesie. Ze schept onderlinge relaties, echo's, situaties waarin beelden telkens weer in verschillende omstandigheden opduiken. Ze heeft een familie van verlaten beelden geschapen, alledaagse gebruiksvoorwerpen, prullen (naderias, noemt zij ze) die in hoge mate haar eigen realiteit geworden zijn, verwant aan de gedichten van Francois Ponge - handschoenen, schoenen, knoopsgaten, panty's, vingerhoeden enzovoort.

Vicky Civera’s kleinschalige werken, zowel de tekeningen als de schilderijen, hebben in hun structuur en functie het poreuze en hiërarchieloze van een intiem gesprek. Ze zijn antifonaal en veelstemmig, bekoorlijk en hartstochtelijk subjectief. Ze zien emotioneel engagement als een avontuur. Ik herinner me hoe Anais Nin in haar Dagboek mijmert over de vrouwelijke taal: "Wat spreken wij een geheime taal. Ondertonen, boventonen, nuances, abstracties en symbolen". Deze voortdurende wijziging van vormen, deze subtiele aanpassingen, lijken mij een fundamenteel aspect van Civera's verrukkelijk suggestieve universum in miniatuur, alsof zij inderdaad op zoek is naar "een taal van de intuïtie, het gevoel en het instinct, het intrinsiek ongrijpbare, subtiele en woordeloze".

Kevin Power


Wanneer en waar

  • Expositieperiode was t/m 25 jun 2005
Tim Van Laere Gallery
Jos Smolderenstraat 50
B-2000 Antwerpen
+32-3-2571417

open: di t/m za 13.00-18.00