Pipilotti Rist 54


Over de expositie

De Zwitserse kunstenares Pipilotti Rist (Rheintal, 1962) kreeg de afgelopen jaren internationale bekendheid met haar deelname aan onder meer de Biennale van Venetië (1993, 1997) en solo-tentoonstellingen in Berlijn (Museum für Gegenwartskunst, 1998), Wenen (Kunsthalle, 1998), Zürich (Kunsthalle, 1999) en Parijs (Musée d'Art Moderne de la Ville de Paris, 1999). Bij de heropening van het Centraal Museum in november 1999 was haar installatie Extremiteiten, zacht, zacht (1999) te zien. Het Centraal Museum vroeg Rist om speciaal voor het museum een ruimtelijke installatie te ontwikkelen en nodigde haar daarom uit om uitgebreid kennis te komen nemen van de zalen en de collecties. Uit die kennismaking werd het plan geboren voor een nieuwe ruimtelijke installatie in de kapel van het museum, naast een presentatie van diverse andere videowerken in de projectkamers.

In de tentoonstelling is een nieuw langdurig bruikleen van het Centraal Museum te zien, Cinquante Fifty, 2000 (collectie H&F/ Centraal Museum), waar de tentoonstelling ook mee opent.
Vervolgens wordt I'm not the girl who misses much getoond in projectkamer 2, in combinatie met verschillende werken uit de 17e eeuwse collectie van het Centraal Museum. In de oude hal klinkt You called me Jacky uit 1990. Het werk de Innocent Collection (1985 aprox. 2032) in projectkamer 4 wordt voor de eerste maal ge-exposeerd. In projectkamer 6 wordt Pipilotti's Fehler gepresenteerd in combinatie met werk uit de toegepaste kunst collectie van het museum, namelijk een ameublement van Van Ravestein uit 1925.

De sfeer van de kapel, die oorspronkelijk deel uitmaakte van het Middeleeuwse nonnenklooster van de Agnieten, maakte grote indruk op haar en de titel van het nieuwe werk, Expecting, roept verwachtingen op. De installatie is te zien op de boven- en benedenkapel en kent voor boven en beneden aparte subtitels: When I Run I Use My Feet en One Jesus in Nature, One At The Doctor, One in the Hotel.

Voor de tentoonstelling in het Centraal Museum verbleef het team van Pipilotti Rist drie weken in Utrecht in landhuis Oud-Amelisweerd.

Pipilotti Rist heeft in totaal zo'n 150 groepstentoonstellingen en 30 solo presentaties op haar naam staan. In Nederland werd haar werk gepresenteerd op de tentoonstelling Wild Walls in het Stedelijk Museum, Amsterdam (1995), bij de openluchttentoonstelling Panorama 2000 in Utrecht (Centraal Museum, 1999) en op solo-presentaties in Sittard (Stedelijk Museum het Domeijn, 1997) en Middelburg (de Vleeshal, 2000). Pipilotti Rist bezocht in de jaren tachtig de Schule für Design in Basel, waar zij deel uitmaakte van de audiovisuele klas van René Pulver die zich specifiek met video als kunstzinnig medium bezighield. Pulver voorzag zijn leerlingen van een schat aan informatie, dankzij het uitgebreide video-archief dat hij had opgebouwd, van Bruce Nauman tot Ulrike Rosenbach en verder.

Aan Rists eerste video's is af te lezen, hoe vormend deze leerschool is geweest. Ze experimenteert met de mogelijkheden van het medium, zoals een schilder de schilderkunstige middelen onderzoekt. In een video als I'm Not The Girl Who Misses Much (1986) 'schildert' Rist als het ware met de videocamera door de beelden op diverse manieren te vervormen, onder andere door vertraging, stopzetting, en versnelling toe te passen, dubbelopnames te maken en storingen en onscherptes niet uit te sluiten. Daarnaast maakt dit vroege werk duidelijk dat Rist zich, naast de beeldende mogelijkheden, van begin af aan ook met de tweede hoofdcomponent van de video bezighoudt: het geluid. Het Beatles-liedje Not a girl who misses much heeft een eigen uitvoering gekregen. Sommige videowerken komen zelfs in de buurt van de video-clip, bijvoorbeeld You Called Me Jacky (1990), doordat de song zo pregnant is dat hij als een deken over de beelden ligt. Bij You Called Me Jacky playbackt Rist een liedje van Kevin Coyne, waarbij het beeld doorsneden is met opnames van een desolate treinreis. De rol van performer - als liedjeszanger, kunstenaar of acteur - fascineerde Rist; als lid van de vrouwenband Les Reines Prochaines had zij zich er ook direct mee te verstaan.

De combinatie van eigen muziek, zelf gecomponeerd (samen met Anders Guggisberg) dan wel in eigen uitvoering, en een vloeiende, min of meer abstracte video-beeldtaal is typerend voor het werk van Pipilotti Rist. Haar beeldtaal heeft zich uit de formele experimenten met het medium ontwikkeld tot een eigenzinnig handschrift. De camera wordt gebruikt als een sensibel kijkorgaan, dat de omgeving en de dingen als lichamen aftast. De camerabewegingen vloeien voortdurend over van dichtbij naar verderaf, van vaag naar scherp; als een zachte deining, die harmonieert met de melodieuze zangerigheid van de muziek. Pipilotti Rist heeft een beeldtaal gecreëerd die eigen én onmiskenbaar vrouwelijk is; met verwondering wordt de wereld als één groot en grenzeloos lichaam afgetast en bekeken, de blik is erotiserend.

Het vrouwzijn speelt in Rists werk een bewuste rol. Expliciet duidelijk is dat in de video-installatie Ever Is Over All (1997), die als single chanel projection tijdens Panorama 2000 te zien was. Een lieftallige vrouw huppelt over straat terwijl zij met een grote fallusachtige bloemstengel autoruitjes aan diggelen slaat. Een passerende politieagent grijpt niet in maar knikt haar vriendelijk toe - geen wonder, want het is een agente. Dit werk-met-een-knipoog maakt duidelijk dat het feminisme in de beeldende kunst een nieuwe fase is ingegaan: het is niet meer een 'opgelegde boodschap' maar volledig in het werk geïncorporeerd. Het belang van Pipilotti Rist ligt in haar vermogen om de kijker deze vrouwelijke optiek als volstrekt natuurlijk te doen ervaren.

In september 2001 verschijnt er bij uitgeverij Phaidon Press, London een publicatie over Pipilotti Rist, en op 2 oktober 2001 verschijnt bij Scalo, Zurich een kunstenaarsboek met als titel Pipilotti Rist Apricots Along The Street.
Bij de tentoonstelling in het Centraal Museum wordt er een mini cd rom uitgegeven, met daarop een single channel versie van Cinquante Fifty. Winkelverkoopprijs: fl 25,-

Van 3 t/m 7 oktober is meer audiovisuele kunst in het Centraal Museum te zien, in het Impakt Festival.
Bovendien vindt vanaf 17 maart 2002 een uitgebreid overzicht plaats van de videocultuur van de afgelopen vijftig jaar met videoclips, reclamecommercials en videokunst.


Wanneer en waar

  • Expositieperiode was t/m 18 nov 2001
Centraal Museum
Agnietenstraat 1
3512 XA Utrecht
030-2362362

open: Dinsdag t/m zondag 11.00 - 17.00, Elke 1e donderdag van de maand tot 21.00, , €12,50 - volwassenen vanaf 18 jaar, €10 - U-pashouders, €5 - 13 t/m 17 jaar, CJP, Cultuurkaart en studentenkaart., Gratis: kinderen tot en met 12 jaar, Museumkaart, BankGiro Loterij VIP-KAART, Rembrandtkaart, ICOM-kaart, CM-clubpas., , Een entreebewijs voor het Centraal Museum geeft op dezelfde dag ook toegang tot het Rietveld Schröderhuis (plus toeslag van €3). Reserveren is noodzakelijk voor het Rietveld Schröderhuis.


Kunstenaar

Pipilotti Rist