Jan van Schaik: Sprokkelbeesten


Over de expositie

‘De wilg is een pionier. Zijn zaden en stekken zijn niet kieskeurig. Bijna overal wil de wilg wel wortel schieten. Als hem dat lukt, heeft het leven zich vernieuwd.’, aldus Jan van Schaik (1958, Amsterdam) die de wilg om die reden heeft gekozen als zijn materiaal. Hij laat de wilg op allerlei plekken uitbotten, zodat op die plekken natuur en cultuur elkaar kruisen. Onder zijn handen ontstaan levende sculpturen. ‘In de takken van de kronkelwilg leven wonderlijke dieren die ik zie als ik een tak op z’n kop zet. Tijdens het schillen, snijden, schuren en branden openbaart het dier zich volgens zijn eigen wetmatigheid. De regels van de natuur tonen zich zo aan mij als houtsnijder. De tak zegt me hoe het moet.’ Dat geldt behalve voor de hazen- en kopstokken vooral voor de Sprokkelbeesten. Ze richten zich op, lopen, kruipen of reiken omhoog, langs takken, in struiken, stronken met paddestoelen of elfenbankjes in het bos. Speciaal voor deze presentatie liet Van Schaik een aantal Sprokkelbeesten gieten in messing. Voor hem zelf een experiment dat eigenlijk een beetje tegen zijn ‘puur-natuur’ principes inging. Brons bleek niet geschikt voor de tengere diertjes, maar in messing lukte het wel. Ze zijn gegoten volgens de ‘cire perdue’ methode, waarbij in de mal het origineel van was plaats moet maken voor het hete vloeibare metaal, en zo verloren gaat. Donkerbruin gepatineerd doen ze als groepje van zes vooral denken aan takjes, individueel springt het beestachtige opeens in het oog.
Bronnen: documentatiemap van Jan van Schaik. Tekst Sya van 't Vlie


Wanneer en waar

  • Expositieperiode was t/m 4 mei 2007
Galerie Posthuys Texel
Brink 14
1796 AJ De Koog, Texel
06-41378884

open: wo t/m zo 11.00-17.00


Kunstenaar

Jan van Schaik