Kunst in Ballingschap: Vlaanderen, Wales en de Eerste Wereldoorlog


Over de expositie

Na de Duitse inval in België op 4 augustus 1914 kwamen duizenden Belgische vluchtelingen terecht in Groot-Brittannië. Onder hen bevonden zich talrijke kunstenaars. De meesten bleven in Londen, maar een kleine groep kwam terecht in Wales. In dit wat afgelegen gebied vinden we de leden van de zogenaamde eerste Latemse groep: George Minne, Valerius de Saedeleer en Gustave van de Woestyne. De ‘ballingschap’ van deze kunstenaars in Wales werd nooit grondig bestudeerd. In samenwerking met de National Museum & Galleries of Wales van Cardiff, en de Hannema-de Stuers Fundatie in Heino, organiseert het Gentse Museum voor Schone Kunsten nu een tentoonstelling over deze minder bekende episode.

De Belgische vluchtelingen werden in Groot-Brittannië zowel door de overheid als door de bevolking goed ontvangen. Er kwamen allerlei initiatieven van de grond om de gevluchte Belgen financieel te steunen; het belangrijkste was het Belgian Relief Fund georganiseerd door de Belgische regering in Londen. De kunst speelde in deze hulpacties een grote rol. Verkoopstentoonstellingen van Belgische kunst brachten fondsen bijeen die ten goede kwamen aan gevluchte kunstenaars. Tentoonstellingen en publicaties hadden echter ook tot doel promotie te voeren voor de nationale kunst en voor de Belgische cultuur in het algemeen. In de grote War Relief Exhibition, in 1916 georganiseerd door de Royal Academy, kregen de Belgische kunstenaars een belangrijke afdeling. In 1916 publiceerde de Ligue des artistes belges een kunstboek ‘Belgian Art in Exile’. Eén van de redactieleden, Jean Delville, beschrijft in dit boek hoe de Belgische cultuur door het Duitse barbarisme onder de voet werd gelopen.

In Engeland waren tijdens de oorlog enkele bekende Belgische kunstenaars actief, zoals Jean Delville, Emile Claus, Constant Permeke, Leon de Smet, Pierre Paulus, Edgar Tytgat, Albert Baertsoen, Victor Rousseau en Hippolyte Daeye. Het werk dat zij in Engeland creëerden en hun contacten met de plaatselijke kunst zouden het onderwerp kunnen vormen van een toekomstige tentoonstelling. De situatie van de Engelse groep zou ook eens kunnen vergeleken worden met de reeds beter bestudeerde Belgische ballingen in Nederland, waaronder Gustave de Smet en Frits van den Berghe.

Voorlopig beperkt de tentoonstelling in Gent, Heino en Cardiff zich tot de kleine kolonie Vlamingen in Wales, tot het werk dat Minne, De Saedeleer, Van de Woestyne en de jongere Edgard Gevaert in hun afgelegen verblijf tot stand brachten. Voor het Gentse museum heeft dit verhaal een bijzondere betekenis. Het museum bezit immers sinds 1949 een collectie tekeningen van George Minne die zowat de totaliteit van Minnes oorlogswerk vertegenwoordigt. De tentoonstelling is een ideale gelegenheid om deze collectie in haar juiste context te situeren.

Het onderzoek voor de tentoonstelling werd verricht door Caterina Verdickt aan Vlaamse en door Carolyn Stewart en Eric Rowan aan Britse zijde. Er wordt niet enkel aandacht geschonken aan de werken van de Vlamingen in Wales, maar deze worden ook geconfronteerd met de kunst van Welshe tijdgenoten zoals Augustus en Gwen John. Hoewel er nauwelijks directe contacten zijn geweest tussen de Vlamingen in Wales en de Welshe kunstenaars zelf (deze verbleven in Londen of aan het front) is het toch interessant om de twee regionale ‘scholen’ in de context van de oorlogssituatie naast elkaar te stellen. Ook de omstandigheden van het verblijf van de Vlamingen in Wales wordt in het verhaal betrokken. De kunstenaars werden immers naar Wales gehaald op initiatief van de zusters Margaret en Gwendoline Davies, rijke erfgenamen van een mijnbouwer, die met hun verzameling en mecenaat een centrale culturele rol speelden in Wales. Het contact werd gelegd door de Brusselse hoogleraar Raphael Petrucci en door Fabrice Polderman, die eerst in Gent en later in Cardiff doceerde. Ook Emile Claus was een tijdlang in Wales. Hij ontvluchtte ‘het gewoel en den smoor van Londen’ en trok naar Cardiff, ‘waar men mij gezegd had dat ik George Minne, Valerius de Saedeleer en Gustaaf van de Woestyne zou vinden. Ik ben daar een tijdlang geweest, maar het was er zoo eenzaam. Ik vond er mijn vrienden niet: ze waren veel verder de westkust langs Aberystwith en haast niet te geraken wegens de slechte treinverbinding.’

De Vlamingen in Wales: Valerius de Saedeleer, Edgar Gevaert,
George Minne, Gustave van de Woestyne.

Eerder te zien in:
Museum voor Schone Kunsten in Gent, België
Van 12 januari t/m 17 maart 2002.


Wanneer en waar

  • Expositieperiode was t/m 2 jun 2002
Museum de Fundatie / Kasteel Het Nijenhuis
Nijenhuis 10
8131 RD Heino/Wijhe
0572-388188

open: Kasteel Het Nijenhuis , Nov t/m feb, do t/m zo 11.00-17.00, Mrt t/m okt, di t/m zo 11.00-17.00, Gesloten op 25 dec en 1 jan., entree € 12,50, Museumkaart, Rembrandt, ICOM : gratis


Gratis nieuwsbrief
Elke donderdag sturen wij een mail met de agenda van de komende en aflopende exposities. U kunt zich hiervoor opgeven.

galeries.nl bestaat al sinds 2000 en biedt informatie over exposities, kunstenaars en kunstinstellingen in Nederland en België. Ondanks de naam betreft het niet enkel informatie over galeries, maar ook over musea.

Vrijwilligers gevraagd
Wilt u als vrijwilliger helpen om actuele exposities toe te voegen? Mail naar info@galeries.nl indien u hiervoor belangstelling heeft.

Op deze plek, in de laatste kolom, kunnen advertenties worden geplaatst.

Meer info over adverteren

Benno Tutein Nolthenius