Van: info@galeries.nl - 19/6/2012


betreft instelling: Het Mondriaanhuis

Vroege Mondriaan in langdurige bruikleen bij Mondriaanhuis Amersfoort

Het schilderij Weiland met vijf koeien ca. 1900-1901 is na afloop van de tentoonstelling Wei Sloot Koe door de particuliere eigenaren in langdurige bruikleen gegeven aan het Mondriaanhuis. Het schilderij zal, in verband met de nieuwe tentoonstelling Rins & Does bij Mondriaan, die van 23 juni t/m 30 september vrijwel het gehele Mondriaanhuis omvat, voorlopig te zien zijn in de permanente biografische tentoonstellingszaal De wereld van Pieter Cornelis.

Het Mondriaanhuis is zeer verheugd met deze langdurige bruikleen. Het bijzondere werk Weiland met vijf koeien was lange tijd uit zicht, totdat het particuliere verzamelaarsechtpaar, dat het in hun bezit had, het in eerste instantie uitleende aan het Mondriaanhuis voor de tentoonstelling Wei Sloot Koe. De tentoonstelling die 17 juni jl. afliep en door 5500 mensen is bezocht, toonde zeven vroege werken van Mondriaan. Rond Weiland met vijf koeien waren zes werken van Mondriaan uit de collectie van het Gemeentemuseum Den Haag gekozen. Samen toonden de schilderijen en tekeningen dat Mondriaan in zijn vroege periode (1898-1907) verschillende richtingen uitprobeerde. De getoonde werken hadden alle als onderwerp de wei, de sloot en de koe, maar in de werken waren zeer uiteenlopende stijlen te onderscheiden: van naturalistisch en symbolistisch tot een enkele meer expressieve manier van schilderen.

Het schilderij Weiland met vijf koeien circa 1900-1901 was wellicht het meest moderne werk in de tentoonstelling. Het werk lijkt al ver vooruit te wijzen naar een kubistische vormentaal. De koeien in het schilderij zijn door Mondriaan niet gedetailleerd weergegeven en zijn niet te vergelijken met die in zijn andere studies. Het tafereel lijkt wel bedachtzaam te zijn neergezet, wat ook mooi past bij het vermoeden dat het ’s nachts geschilderd is, bij het licht van de maan. In plaats van de koeien als tintelende lichtvangers weer te geven, zijn ze door Mondriaan getransformeerd in onbeweeglijke, door de maan beschenen beelden. Het zijn zwarte rustplekken geworden in een groen vlak waarin het blauwe lint van de sloot naar de hoge horizon voert. Misschien kan je van het schilderij zelfs zeggen dat zijn streven al in de richting ging van de grote bedoeling die hij met zijn kunst had en die hij in 1916 aan Theo van Doesburg beschreef als “het zuivere beelden van de oerverhoudingen in het bestaande, door de vrije rechte lijn en verinnerlijkte kleur.”
Redactie